‘Wat eten we vandaag?’ is altijd het eerste dat mijn oudste zoon aan mij vraagt als ik hem kom ophalen. Ik krijg nog geen kus of enthousiaste verhalen over hoe de dag is vergaan, nee de belangrijkste informatie op dat moment is wat er die avond op tafel staat. Als ik hem dan vertel wat we eten, antwoordt hij steevast met ‘hé, dat lust ik!’. Vervolgens stelt hij diezelfde vraag in een tijdsbestek van een uur nog eens vier keer. En telkens diezelfde reactie ‘hé, dat lust ik!’.
Aan tafel!
Eenmaal aan tafel zegt hij trots ‘Ik ga uit mezelf de bloemkool/broccoli/boontjes opeten, dat hoef je me niet te vragen mama’. Vervolgens begint hij met het vlees, dat heeft hij binnen een paar happen op. Dan zijn de aardappeltjes aan de beurt. Tot zover gaat het nog redelijk zonder problemen. Maar dan ligt er toch echt niets anders meer op zijn bord dan die gezonde groente. Die groente waarvan hij me de hele avond al verzekerd heeft dat hij het lust en dat hij het op gaat eten.
Eten vliegt door de lucht …
Het geklier met zijn broertje begint. Aangezien zijn broertje hem in werkelijk alles nadoet, hoeft hij maar iets geks te verzinnen of ze zitten allebei te gieren van het lachen. Meestal gaat dat om eten dat door de lucht vliegt en in de bekers met water belandt of over vieze geluiden die worden gemaakt met monden vol eten. Voor de zekerheid vraag ik nog ‘eet je je groente nog op?’ .‘Ja hoor mama!’ krijg ik als overtuigende reactie. Maar het geklier wordt erger en de groente is nog met geen vinger aangeraakt.
Met dit kinderbestek wordt eten een feestje
Hoeveel happen moet ik eten?
Na allerlei pogingen van mij om mijn zoon aan het eten te krijgen en het geklier te stoppen vraagt hij uiteindelijk ‘hoeveel happen moet ik echt eten?’. Een antwoord als ‘alles, want ik heb al heel weinig op je bord gedaan’ wordt niet geaccepteerd. ‘Nee hoeveel ehhhecht?’ reageert hij dan. Dat zijn vijf happen, want hij is vijf jaar. Daarom moet zijn broer drie happen eten, want die is drie. En ja, dat is wel eerlijk. Uiteindelijk na veel gezeur, geklier en gepor in de groente heeft hij door dat het menens is en begint meneertje aan zijn vijf happen groente. Met lange tanden werkt hij het naar binnen.
Wat fijn dat hij groente lust …
De volgende dag als ik hem ophaal is het weer hetzelfde liedje. ‘Hé dat lust ik!’ roept hij enthousiast als ik vertel wat we die dag eten. Een moeder die ons gesprek aanhoort zegt me; ‘wat fijn zeg, dat hij groente lust, dat lijkt me nou zo makkelijk!’ ‘Tja’ zucht ik ‘dat lijkt mij nou ook!’.
PS: met dit leuke bestek wordt eten wel een feestje! En anders lees je deze tips voor eten aan tafel met kinderen.
LEES OOK: